Handicap International helpt personen met een handicap hun onafhankelijkheid, waardigheid en rechten terug te winnen. Onze visie is van een wereld waarin alle vormen van handicaps kunnen worden voorkomen, opgevangen of geïntegreerd, en waarin de rechten van personen met een handicap gerespecteerd en toegepast worden. Volg de activiteiten van onze expats op het terrein.
De blog van Bruno De Clerq, ex-projectverantwoordelijke
Een paradoxale situatie
Met plezier schrijf ik u weer om u voor de laatste keer dit jaar te laten weten hoe het hier gaat. Met plezier, hoewel de moeilijke situatie op wereldvlak ontwikkelingslanden als Cambodja niet gespaard heeft. De omstandigheden hier zijn heel paradoxaal. Enerzijds heeft de ernstige internationale financiële crisis van de afgelopen weken weinig impact. De banksector staat nog in zijn kinderschoenen. De overgrote meerderheid van de Khmers heeft nog nooit geïnvesteerd op de beurs. Voor hen is het een ver-van-mijn bedshow. De huidige kopzorgen van een heleboel kapitaalkrachtigen zijn hen dus totaal vreemd. Anderzijds zal dit kwetsbare land en zijn inwoners onvermijdelijk lijden onder deze crisis die ergens anders is ontstaan. Ze zullen de algemene vertraging van de economie voelen.
In de textielsector -de grootste werkgever van het land- is er nog amper vraag. De prijs van landbouwproducten zakt fors, de inflatie op de markten neemt alarmerende proporties aan… Mensen die ons in navolging van Kofi Anan doen herinneren aan het feit dat we door deze crisis de andere niet mogen vergeten die veel fundamenteler en langduriger is en waar mensen uit ontwikkelingslanden voortdurend mee geconfronteerd worden, hebben natuurlijk gelijk.
Ondertussen is er een nieuwe regering voortgekomen uit de verkiezingen van juli. Ze werden overweldigend gewonnen door de Cambodjaanse Volkspartij van premier Hun Sen. Steeds meer figuren van de oppositiepartijen sluiten zich bij deze partij aan.
Wat de mensen de laatste tijd echt bezighoudt is de grenscrisis met Thailand. Deze is midden oktober ontaard in confrontaties met dodelijke afloop. Vier doden, gewonden en miljoenen mensen die het gebied ontvluchten. Een veel te zware tol voor een discussie tussen bevriende landen over een stuk territorium. De regeringen van beide landen zijn aan het onderhandelen, maar er blijven veel militairen op post aan de grens. Er moet absoluut vermeden worden dat het conflict ernstigere vormen aanneemt. Cambodja is zijn wonden nog aan het likken van dertig jaar conflicten die nog steeds hun sporen nalaten. Denk maar al die mijnen en niet-ontploft oorlogstuig waar het land nog jarenlang mee bezaaid ligt.
« Ons dorp, onze stem»
‘Ons dorp, onze stem’ is een van de nieuwe projecten die we hebben opgezet in twee districten aan de grens van de provincies Siem Reap en Banteay Meanchey, in het noordwesten van het land. Het is een afgelegen gebied waar weinig ngo’s aanwezig zijn. Dat is net de reden waarom we ervoor gekozen hebben om hier een project op te zetten.
Het gaat om een project voor gemeenschapsgerichte revalidatie. Hiermee willen we ons richten tot het netwerk van dorpen en gemeenschappen om personen met een handicap te identificeren-ze zijn vaak niet direct zichtbaar- en hen zo hulp, diensten en advies verlenen. Door beroep te doen op een netwerk van vrijwilligers die initieel geholpen worden door ngo’s als de onze, zijn deze projecten duurzaam en moet er niet veel geld in geïnvesteerd worden. Het is wel een delicate opdracht die veel geduld en zeer competente medewerkers vergt.
In Kralanh en Srey Nam begint ons werk zijn vruchten af te werpen. Pho Samet, de coördinator van het project, heeft zelf een handicap en is zeer ervaren. Hij heeft een team van acht personen samengesteld, vier per district. Enkele van hen hebben ook een zichtbare handicap, hetgeen een voordeel is om de boodschap over te brengen. Als ze geïsoleerde gemeenschappen bezoeken om te praten met de dorpshoofden, familie en de personen met een handicap zelf, vormen ze natuurlijk een rolmodel.
Met zijn vlotte babbel, zijn aimabele maar zelfverzekerde houding en zijn titel van projectmanager wekt Samet verbazing op in dorpen waar personen met een handicap vaak niet als volwaardige mensen worden beschouwd. Getuige daarvan is het trieste feit dat diegenen die we tegenkomen systematisch vaak gewoon ‘de dove’, ‘de blinde’, ‘de polio’… worden genoemd.
Midden oktober ging ik twee dagen met het team mee op pad. Het was een lange reis over slechte wegen. Het kostte veel tijd om het dorp South Khnar te bereiken. Ik woonde er de eerste bijeenkomst bij van alle personen met een handicap van het dorp.
Bij de eerste contacten had het dorpshoofd ons verteld dat er vier of vijf mensen zouden zijn, meer niet. Het heeft ons een paar weken en veel geduld gekost, maar we slaagden erin om er 25 bij elkaar te brengen. De locatie, een mooie pagode, was prachtig en de bijeenkomst zelf was vrolijk en ontroerend tegelijkertijd. Ze waren er allemaal. De doofstomme Sambath kwam samen met zijn zoon die voor hem vertaalde in een ongebruikelijke, maar vlotte gebarentaal. Daarnaast zaten verschillende jonge vrouwen die vertelden dat ze een oog waren kwijtgeraakt bij de geboorte of na een ongeval. Socheata werd vergezeld door haar moeder die dacht dat haar dochter aan hersenverlamming leed, maar vermoedelijk is het epilepsie - de diagnose moet nog gesteld worden. Mevrouw Bopha was de enige in een rolstoel. Ze babbelde vlot en met veel humor. De bijeenkomst duurde meer dan twee uur. Het feit alleen al dat deze mensen bij elkaar kwamen, het woord kregen en dat er naar hen geluisterd werd zodat ze hun verhaal konden vertellen en laten weten wat ze nodig hebben, is al een succes, een kleine revolutie.
Tijdens de volgende bijeenkomsten zullen we proberen om zelfhulpgroepen samen te stellen. Het gaat er voor ons niet om de personen met een handicap te ‘helpen’, maar om samen met hen te kijken wat ze kunnen, wat hun sterke kanten zijn. We geven ze een duwtje in de rug zodat ze met de steun van de gemeenschap hun studies kunnen hervatten of een handeltje opzetten.
De volgende dag was het de beurt aan de grappige en dynamische Panavuth die het project uitlegde aan de aandachtig luisterende leerlingen van het zevende leerjaar. In deze klas van zeventig leerlingen werd het woord vooral gegeven aan vijf van hen, diegenen met een handicap. Verlegenheid ruimde plaats voor glimlachjes en vervolgens voor gelach. Het vertrouwen is er, een goed begin.
Het zal nog een tijdje duren voordat de veranderingen doorgevoerd zullen zijn, maar Pho en zijn team zijn vasthoudend. Ze kunnen op hun beurt rekenen op het advies van Mark Morrisson, het meest recent gearriveerde expat-teamlid. Hij is een geduldige expert. Hij heeft blauwe ogen, een brede glimlach en hij luistert veel. Dat alles opent hier meteen deuren…
Channy, een geëngageerde orthoprothesemaker
Toen ik midden juli uit Seam Reap terugkwam, reisde ik samen met een van de orthoprothesemakers van het centrum van Siem Reap. Op zijn 28ste is Chek Channy al een uitmuntend technicus. Vlak nadat hij uit Sri Lanka terugkwam waar hij een jaar lang opleidingen heeft gegeven, is hij getrouwd met een vrouw die eveneens orthoprothesemaakster is. Een foutloos parcours, een mooi verhaal… En toch, terwijl ik naar hem luisterde besefte ik dat hij nog niet zo lang geleden barre tijden heeft meegemaakt, ook al is Channy na de val van het Pol Pot-regime geboren.
Channy werd in in oktober 1980 in ballingschap geboren, in een kamp van ‘Site 2′ in Thailand. Zijn familie is daar naartoe gevlucht vanuit eenland dat in een burgeroorlog verwikkeld is en bezaaid ligt met landmijnen. Zeggen dat het leven er moeilijk is, is een understatement. Geweld en ontberingen zijn dagelijkse kost. Pas jaren later kan de familie eindelijk terugkeren naar Cambodja. Ze krijgt een lapje onvruchtbare grond toegewezen en probeert zo goed en zo kwaad als het kan te overleven.
Maar aan alle ellende zit ook een goede kant. Zoals veel jongeren die in de kampen werden geboren, zijn Channy en zijn broers polyglotten: Engels, Thais, een beetje Laotiaans… Vaardigheden die hun nut nog zullen bewijzen. Een van de broers krijgt een baan bij een internationale organisatie. Dankzij zijn salaris ziet de familie eindelijk licht aan het einde van de tunnel. Het dagelijks leven wordt wat comfortabeler en de jongsten kunnen gaan studeren. Op zijn 19de maakt Channy zijn middelbare studies af. s’Avonds geeft hij lessen Engels en Thais. Overdag werkt hij als verkoper voor een privébedrijf dat hem een hels tempo oplegt.
Het jaar 2000 is een keerpunt. Een vriend vertelt hem over de school voor orthoprothesemakers. Hij weet niet wat een prothese is, maar beroepen waarbij je je handen moet gebruiken hebben hem altijd al aangesproken. Hij voelt ook intuïtief aan dat deze vreemde baan veel humanitaire aspecten heeft. Hij legt met succes een ingangsexamen af. Na drie jaar studies kan hij triomfantelijk met zijn diploma zwaaien. Channy is een voortreffelijke student en wordt opgemerkt door de buitenlandse expert vanHandicap International, Guido Willimzik, die deel uitmaakt van de jury. Guido nodigt hem uit om mee te komen naar Siem Reap. De ontvangst en de sfeer in het centrum bevallen hem en hij wordt meteen aangenomen.
Na twee jaar specialiseert Channy zich in apparatuur voor kinderen die gehandicapt raakten door een hersenverlamming. Hij volgt deze kinderen op in het centrum en via huisbezoeken. In april 2007 neemt hij de volgende stap. Channy wordt geselecteerd om assistent te worden aan de school voor orthoprothesenmakers die Cambodia Trust in Sri Lanka opent. Zowel op persoonlijk als op professioneel vlak een geweldige ervaring waar hij met veel enthousiasme over vertelt. Nu is hij terug in Cambodja. Channy is blij met het weerzien met zijn collega’s en patiënten in het centrum van Siem Reap en met zijn nieuwe familieleven. Zijn levensfilosofie, bescheidenheid en engagement wekken bewondering op. Deze jonge Cambodjanen zijn echt geweldig…
Getuigenis: Mearn en de ‘kru khmer’

Als u Cambodja een beetje kent, dan hebt u wellicht al over de ‘kru khmer’ gehoord. Voor heel wat Cambodjanen is deze traditionele genezer de eerste persoon die bij gezondheidsproblemen wordt geraadpleegd, alleszins op het platteland waar 85% van de bevolking woont.
Dat overkwam ook Mearn, een uk van drie jaar oud die in april in ons revalidatiecentrum verbleef. Mearn woont in Aragn, een bescheiden dorp op 20 km van Siem Reap. Vier maanden geleden kwam Mearn lelijk ten val tijdens een spel met andere kinderen uit het dorp en brak zijn rechterbeen. Zijn ouders probeerden hem eerst zelf te verzorgen.
Na een maand constateerden ze echter dat de pijn niet verminderde en dat andere maatregelen zich opdrongen. En dus trokken ze naar de ‘kru khmer’ die het been van de driejarige insmeerde met een remedie op basis van bladeren en een verband aanlegde. Een maand later konden de ouders van Mearn enkel besluiten dat de toestand verslechterde. Het kind leed pijn en het been was ontstoken. Daarop namen ze de beslissing die eerder wegens tijdsgebrek was uitgesteld: een bezoek aan de artsen van het ziekenhuis Kunthea Bopha. Ze moesten naar Siem Reap dat uiteindelijk niet zo heel ver weg is, maar de consultatie en de verzorging zou wel enkele dagen, misschien wel enkele weken in beslag nemen. En voor wie bezig is met overleven, is iedere werkdag cruciaal.
Een moeilijke, maar wel de juiste beslissing. De diagnose was onthutsend: een breuk, complicaties aan de knie, reeds verzwakte spieren… Gelukkig was het niet te laat. Mearn werd op 23 februari geopereerd en bleef nog een hele maand in het ziekenhuis. Het been werd gered. Maar dan brak de revalidatieperiode aan. Mearn werd logischerwijze naar het revalidatiecentrum doorverwezen. Begin april kwam hij bij ons aan. Massages, stimulerende oefeningen… Onder het waakzame oog en met de hulp van onze kinesisten die dit piepjonge patiëntje met open armen ontvingen, leerde Mearn zijn been weer gebruiken. Over een paar weken brengen onze technici een orthese aan. Het been is nog steeds heel broos en omdat het een lelijke breuk was, is een orthese gedurende enkele maanden noodzakelijk. Geen tijd om te rusten. Er moeten voortdurend oefeningen gedaan worden met het been, met gewichten of door te stappen. Een heus programma voor atleten.
Nog enkele dagen en dan kan Mearn het centrum verlaten, gewapend met zijn trainingsprogramma. De datum van dit schrijven is 30 april. Gedaan met de pijn en de beperkte bewegingsvrijheid. Mearn kan weer lopen, maar het zal nog een paar weken duren voordat hij weer volledig mobiel is.
De schuchtere glimlach van het kleine jongetje spreekt ondertussen boekdelen over de pret die hij binnenkort weer zal beleven tijdens het spelen, een recht dat hem bijna ontglipte.
Koy Kol, verantwoordelijke Informatie en Bezoekersonthaal, revalidatiecentrum Siem Reap
De integratie van personen met een handicap

Alles wijst erop dat de Cambodjaanse economie het goed doet. Een jaarlijkse groei van
ongeveer 10%, de ontwikkeling van toerisme, de ontdekking van aardolie langs de kust… Het opent mooie perspectieven. En toch. Zoals zo vaak het geval is, profiteert slechts een handvol mensen van deze ontwikkelingen. Kijken we maar naar enkele andere cijfers. Een derde van de bevolking leeft onder de armoedegrens (minder dan 1 dollar per dag) en bijna 5 vrouwen op 100 overleven een bevalling niet. Dit sterftecijfer is de afgelopen 6 jaar niet veranderd.
Deze cijfers bewijzen in welke moeilijke omstandigheden een groot deel van de bevolking leeft, vooral op het platteland. Deze omstandigheden hebben een directe weerslag op de situatie van kwetsbare groepen, met name van personen met een handicap. Armoede en handicaps gaan hier
immers hand in hand.
In deze context wilden we bij de start van het nieuwe jaar onze projecten voor de komende drie jaar (2008-2010) opnieuw bekijken. Zonder te technisch te worden, geef ik graag enkele voorbeelden: Het ‘Happy Child’ project wordt voortgezet en uitgebreid. Dit project in Siem Reap en
Takeo wil voorkomen dat vaak voorkomende kinderziekten in rurale gebieden zouden leiden tot soms erg zware handicaps. Hoe? Door de personen te informeren die de kinderen tijdens de eerste levensmaanden begeleiden: traditionele vroedvrouwen, moeders, verplegend personeel van de gezondheidscentra. Dit project heeft al heel wat goede resultaten opgeleverd.
We zullen nog meer steun geven aan een belangrijke organisatie die we al jaren kennen en helpen: de Cambodjaanse vereniging van mensen met een handicap. Die verdedigt de belangen van om en bij de 700.000 personen met een handicap! We willen niet in de plaats van deze organisatie spreken, maar haar meer bekendheid en een sterkere stem geven. Tot slot onderhandelen we verder met het ministerie van Volksgezondheid om de door ons gesteunde revalidatiecentra in Takeo en Siem Reap op lange termijn leefbaar te houden. We willen onze steun geleidelijk afbouwen en tegelijk de kwaliteit van de dienstverlening garanderen.
Ik wil het ook even hebben over de tweede editie van ‘Celebrating Differences’. Op 24 februari organiseerden we dit avondfeest in Siem Reap, samen met verschillende teams uit Cambodja en Laos. Zij willen kunstenaars met en zonder handicap bij elkaar brengen. Tijdens deze ontroerende en interessante avond hebben we duidelijk kunnen merken dat personen met een handicap talent te over hebben!
Het Rode Khmer-tribunaal

De twee grote actuele gespreksthema’s hier hebben te maken met het politieke leven in het land. Het zal u niet verbazen dat een daarvan het inmiddels beruchte “Rode Khmer-tribunaal” is. Er gaat geen dag voorbij zonder dat de kranten uitpakken met wetenswaardigheden over het proces van vijf van de belangrijkste leiders van het Pol Pot regime. Zij worden verantwoordelijk gesteld voor de dood van ontelbare landgenoten. Hoewel er maar langzaam vorderingen geboekt worden en de vonnissen pas over een jaar of twee zullen worden geveld, bereikte het bestaanvan deze “uitzonderingsrechtbanken” in elk geval al een eerste doel. Een duister verleden is bespreekbaar geworden en ook de slachtoffers krijgen de gelegenheid om te praten.
Het andere thema is de nakende nationale verkiezingen in juli. De Cambodjaanse Volkspartij van de huidige eerste minister Hun Sen zal zo goed als zeker als overwinnaar uit de bus komen. Toch is Cambodja trots om, voor de vierde keer al, vrije verkiezingen in een meerpartijencontext te kunnen organiseren.
Maar de meest kwetsbare Cambodjanen hebben sinds enkele weken wel wat andere zorgen. De gezinshoofden breken zich terecht het hoofd over de prijs van de rijst en van andere basislevensmiddelen die sinds maart de pan uitswingt. Hoewel de economische crisis wereldwijd is, worden de meest kwetsbare landen het hardst getroffen. De Cambodjaanse economie boekt dan wel gestaag vooruitgang, maar de landbouw is nauwelijks rendabel en weinig gevarieerd. Daardoor heeft de internationale crisis hier dramatische gevolgen.
Onze programma’s, die vooral duurzaamheid nastreven, krijgen hun volle betekenis in deze context. We verstrekken dan wel geen voedselhulp, een rol die in Cambodja vervuld wordt door andere organisaties zoals het Wereldvoedselprogramma, maar onze projecten focussen wel op de meest kwetsbare bevolkingsgroepen: personen met een handicap en hun gezinnen. We bieden hen een opleiding aan, brengen hen verantwoordelijkheidsgevoel bij en geven hen de plaats die hen toekomt. Hetgeen wij bieden is praktisch advies zodat mama’s handicaps in een vroeg stadium leren herkennen, boeren tragische ongevallen met verminkende gevolgen kunnen vermijden en prothesen en loophulpmiddelenpatiënten weer mobiel en actief maken. Het gaat om informatie over fundamentele rechten, zonder welke er geen gelijkheid is.
Deze paar regels laten me niet toe verder uit te weiden over onze projecten, maar kijk gerust eens op onze site of neem onze brochures door. Of waarom komt u niet eens op bezoek als u in Cambodja bent? Wij ontvangen u met plezier in het revalidatiecentrum van Siem Reap.
Teng Bunthoeun, een bijzonder jongetje…

Bunthoeun is 6 jaar en woont in het dorp Koh Kosal, in de provincie Takeo ten zuiden van Phnom Penh. Hij is de oudste van drie jongens en heeft sinds drie jaar een handicap. Dat is wat zijn moeder ons vertelt: hij kreeg hoge koorts en was zeven dagen bewusteloos. Hij had het geluk dat hij gedurende een maand behandeld kon worden in Kuntha Bopha, een goed kinderziekenhuis in Phnom Penh. Bunthoeun heeft het overleefd, maar betaalde wel een prijs: hij kon zijn benen niet meer bewegen en zelfs niet meer huilen.
Terug thuis, nam Bunthoeun zes maanden lang de voorgeschreven geneesmiddelen. Toen de voorraad geneesmiddelen op was, kon zijn familie niets meer doen. Hun economische situatie was erop achteruit gegaan. De mama van Bunthoeun, die voordien een bescheiden inkomen verdiende op de markt, besteedde een groot deel van haar tijd aan hem. Maar toen er een broertje bijkwam, kon zijn moeder niet meer zoveel bij Bunthoeun zijn, waardoor zijn gezondheid er nog meer op achteruit ging.

Tijdens hun bezoek aan de gemeenschap in maart 2004 hoorden de ‘outreach workers’ (sociale werkers) van het Revalidatiecentrum van Takeo voor het eerst het verhaal van Bunthoeun en zijn familie. Na een eerste ontmoeting en een grondige bespreking van de situatie van de jongen, konden ze het gezin overtuigen om hem begin juli naar het Revalidatiecentrum van Takeo te laten gaan. Eens de diagnose gesteld werd door het team kinesitherapeuten en technici, konden we een orthese op maat maken. Daarna werd een volledig revalidatieplan opgesteld met oefeningen die Bunthoeun elke dag thuis moest uitvoeren. Bunthoeun en zijn mama vertrokken enkele dagen later met de orthese en een looprek.
Thuis kreeg Bunthoeun regelmatig het bezoek van sociale werkers die hem advies gaven en aanmoedigden. Zijn situatie werd iedere maandzichtbaar beter. De medewerkers van het Centrum steunden hem ook op andere manieren. Dankzij hun advies en hun pleidooi bij de directie kon Bunthoeun in oktober 2006 voor de allereerste keer naar school. Zijn integratie verliep vlekkeloos. Bunthoeun speelt met zijn klasgenootjes en zij helpen hem waar nodig. Hij helpt net als de anderen mee schoonmaken, precies zoals dat in het schoolreglement staat…
Nu kan Bunthoeun zich thuis alleen behelpen: hij kan zich zonder hulp wassen, zich aankleden en eten. Deze gunstige evolutie heeft nog een ander belangrijk gevolg: de ouders van Bunthoeun kunnen weer tijd besteden aan hun activiteiten buitenshuis en konden hun financiële problemen van enkele jaren geleden overwinnen. De toekomst lacht Bunthoeun, zijn broers en zijn ouders weer toe…

