Handicap International helpt personen met een handicap hun onafhankelijkheid, waardigheid en rechten terug te winnen. Onze visie is van een wereld waarin alle vormen van handicaps kunnen worden voorkomen, opgevangen of geïntegreerd, en waarin de rechten van personen met een handicap gerespecteerd en toegepast worden. Volg de activiteiten van onze expats op het terrein.
De blog van Cambodja
On the Road
Op 15 juli ging ik de straat op in Phnom Penh met They Visal (Support to Government Technician). Vanuit het Road Safety programma kwam er vraag naar beeldmateriaal dat gebruikt kon worden in hun halfjaarlijks rapport voor het hoofdkantoor en om hun database aan te vullen. Dit was de start van een lange dag waarbij ik verschillende verkeerssituaties onder ogen kreeg en ook de verkeerspolitie aan het werk zag tijdens de uitvoering van hun ambt. Om 6u ’s morgens vertrokken we naar de American Intercon School op de Mao Tse Toung Boulevard om beelden te maken van voetgangers-studenten die de drukke boulevard probeerden over te steken. Zelfs met de hulp van de ‘lollipop men’ leek dit geen sinecure. Ik ontmoette wel voor het eerst sinds mijn aankomst in Cambodja het zebrapad in levende lijve! Iets waar ik zelf al meermaals had naar gezocht wanneer ik de straat wou oversteken. Dit zou soelaas moeten brengen voor een veilige oversteek, maar maak je geen illusies: voertuigen en hun bestuurders zijn hier niet zo zebra-vriendelijk.
Vervolgens werd ik meegenomen naar een checkpoint waar de verkeerspolitie controles uitoefende op het dragen van de helm. De afgelopen jaren is er veel moeite gedaan om de bevolking bewust te maken van de risico’s die je loopt als je je zonder helm in het verkeer begeeft. Naast de verschillende sensibilisatie campagnes zijn ook de politie controles toegenomen. De combinatie van deze twee acties werpt duidelijk vruchten af. De helm is zichtbaar aanwezig in het straatbeeld, maar toch zijn er nog veel bestuurders die het nalaten om zichzelf of hun passagiers met deze simpele ingreep te beveiligen. Het was vooral zoeken naar passagiers met een helm op het hoofd, hoewel ze bij een ongeluk evenveel risico lopen op een ernstig hoofdletsel als de bestuurder. De wet die het dragen van de helm verplicht maakt voor moto’s, tuktuk’s en andere gemotoriseerde voertuigen die niet afgesloten zijn, is getekend door de koning sinds 8 februari 2007 en wordt uitgevoerd door de verkeerspolitie sinds 1 januari 2009. Voor passagiers van deze voertuigen is de helm nog niet verplicht, maar een inter-ministriële werkgroep is daar druk over aan het debatteren om dan hopelijk zo snel mogelijk tot een nieuwe wet te komen.
Dat overdreven snelheid aan de basis ligt van vele verkeersongevallen hoeft geen verdere verklaring. Ook in Cambodja probeert men de inbreuken tegen de snelheidsregels te handhaven. Naast logistieke steun, zoals de aanschaf van speedguns, voorziet Handicap International België ook opleiding in de verbetering van de politiecontroles. Zo ging een delegatie van het Road Safety team van Handicap International kennis opdoen bij de verkeerspolitie uit Australië. Een soortgelijke opstelling van politiemensen wordt op dit moment daadwerkelijk toegepast in Cambodja. Sinds de opkomst van dergelijke snelheidscontroles zijn de inbreuken met 40% gedaald al mochten enkelingen tijdens mijn bezoek aan het controlepunt wel nog langs de kant van de baan.
Tot slot bezocht ik nog enkele belangrijke kruispunten in Phnom Penh en twee nationale wegen om verschillende inbreuken op de gevoelige plaat vast te leggen. Op de kruispunten krijg je in één oogopslag een indruk van het drukke stadsverkeer dat in vele gevallen ongestructureerd verloopt. Hoewel er de laatste jaren veel moeite is gedaan om belangrijke kruispunten opnieuw aan te leggen met het oog op verbetering van de veiligheid, gebeurde het met regelmaat dat verkeerslichten en voorrangsregels simpelweg genegeerd werden. Een lichtpuntje: bijna elke bestuurder handhaaft een matige tot trage snelheid wanneer hij een kruispunt nadert en zo mocht ik me gelukkig prijzen om slechts getuige te zijn van één verkeersongeluk.
De nationale wegen in Cambodja staan erom bekend de meest verkeersonveilige te zijn van het land. Bij gebrek aan politiecontroles op deze wegen, valt al onmiddellijk op dat de snelheden een pak hoger liggen en dat de helm zo goed als helemaal uit het straatbeeld is verdwenen. Deze nationale wegen bestaande uit slechts twee rijstroken, zijn de drukste verkeersaders van het land en worden dan ook door alle mogelijke voertuigen gebruikt. Overgeladen vrachtwagens, bussen, moto’s, fietsers, landbouwers met hun vee, tuktuk’s,… allemaal op hun tempo met gevaarlijke inhaalbewegingen als gevolg.
Langs de zijlijn van deze wegen speelt zich tevens een druk handelsleven af. Verkopers proberen er hun waren aan voorbijgangers te verhandelen, wat op zijn beurt resulteert in veel stilstaande voertuigen en voetgangers die hun kans wagen de weg over te steken.
Zonder kleerscheuren kon ik mijn veilige thuishaven bereiken dankzij de wakende blik van Visal die voor de gelegenheid mijn ogen op de rug waren wanneer mijn blik door de camera gericht was en me meermaals van de straatkant moest wegtrekken. Had ik ooit kunnen denken dat fotografie zo gevaarlijk kon zijn… Met plezier laat ik de stadsdrukte achter me en begeef ik me naar het rustigere Siem Reap voor een 10-daagse verblijf waar ik diverse projecten zal bezoeken en zal kunnen proeven van het veldwerk van Handicap International.
Road Safety
Na een lange radiostilte geef ik jullie graag een update over de projecten van Handicap International in Cambodja die ik de laatste twee weken heb mogen bezoeken. Zoals laatst beloofd wil ik beginnen met de verkeersveiligheid in Cambodja en er is geen beter plaats dan de hoofdstad Phnom Penh om aan de levende lijve te ondervinden dat de verkeerssituatie hier nogal wat woeliger verloopt dan in het vertrouwde België.
Net zoals in de meeste Aziatische landen wordt het asfalt in de stad hier gedomineerd door motorfietsen en moto-taxi’s, de befaamde tuktuk’s. Daartussen proberen nog enkele fietsers, voetgangers en auto’s hun weg te banen om zonder slag en stoot op de plaats van bestemming te geraken. Helaas verloopt dit helemaal niet in alle veiligheid. In die verstandhouding staat ‘Road Safety’ bovenaan de agenda omdat het verkeer hier jaarlijks een hallucinant hoog aantal slachtoffers maakt. Om jullie een idee te geven: in de maand januari van 2010 werden ongeveer 1500 slachtoffers binnengebracht in ziekenhuizen en gezondheidscentra waarvan ca. 50% afkomstig van een verkeersongeval. Daarvan waren er 171 met dodelijke afloop en 622 zwaar gewonden met 1152 betrokken voertuigen! Nog een opvallend cijfer: 55% van de slachtoffers hadden de leeftijd tussen 15 en 29 jaar (bron: www.roadsafetycambodia.info). Het mag dan ook niet verbazen dat Handicap International verkeersveiligheid tot prioritair programma heeft gebombardeerd als je weet dat de verkeerssituatie hier het meeste slachtoffers maakt, meer dan HIV, landmijnen, malaria,…
De belangrijkste bijdrage van Handicap international België aan verkeersveiligheid impliceert steun aan de overheid, sensibilisatie rond het dragen van de helm en het ontmoedigen van alcoholmisbruik, management van het ‘Road Crash and Victim information System’ (RCVIS), steun en ontwikkeling van de educatie over verkeersveiligheid voor scholen, het uitbouwen van de bekwaamheid van de verkeerspolitie en het aanmoedigen van de gemeentelijke stakeholders om zich in te laten met activiteiten rond verkeersveiligheid.
In de praktijk…

Op 6 juli vertrok ik samen met Adam Huebner (Prevention & Rehabilitation Program Manager)en Prum Rithy (Happy Child Project Manager) richting Takeo, een klein provinciestadje op een 70-tal kilometer ten zuiden van Phnom Penh. Een logische halte was het revalidatie centrum van Takeo waar ik diezelfde avond nog een rondleiding kreeg van Adam Huebner. De volgende ochtend trokken we naar de provinciale gezondheidsafdeling waar Adam en Rithy een 3-daagse opleiding zouden opvolgen voor een 30-tal personeelsleden van lokale gezondheidscentra afkomstig uit de hele provincie Takeo. De opleiding werd gegeven door Dr. Prak Sovannarith (directeur Gezondheid Moeder & Kind) en mee ondersteund door Ros Sarayendeth (Project Officer HCP in Takeo) en Lun Sophea (Outreach worker HCP in Takeo)
Tegen de middag vetrok ik terug naar het revalidatie centrum en bezocht ik samen met Phorn Heap (Head of Operation PRC in Takeo) enkele hulpbehoevenden die aanwezig waren in het revalidatie centrum. Zo ontmoete ik Neang Hong Meng, een meisje van 15 jaar met hemiplegie (verlamming van één lichaamshelft). Ze was samen met haar moeder naar het revalidatie centrum gekomen waar ze een prothese kreeg aangedaan. Dit heeft een meervoudige functie. Enerzijds zal deze eenvoudige ingreep de spasmen onder controle houden waaraan ze lijdt. Haar rechter been is ook 5 cm korter dan haar linker been en de prothese is zodanig gemaakt dat het dit lengteverschil opvangt. Dit zal dan op termijn verdere scheefgroei van het hele lichaam vermijden en bovenal haar in staat stellen om met beide benen op de grond te staan in het leven.
Nget Chanthy is een man van 49 jaar oud die net het hospitaal had verlaten om van start te gaan met revalidatie. Bij een moto ongeluk heeft hij een subluxatie aan de rechter knie opgelopen. Dit is een gedeeltelijke ontwrichting waarbij de gewrichtskop de kom slechts gedeeltelijk heeft verlaten. Genoeg om enkele weken te verblijven in het revalidatiecentrum waar hij in eerste instantie dit been in rust zal moeten houden om daarna onder deskundig toezicht met oefeningen van start te gaan om zijn been weer aan de praat te krijgen.
Ondertussen was Rithy toegekomen om me mee te nemen naar Srey Chey, een dorpje in de gemeente Boeung Tranh op ongeveer 10 km van Takeo dat we bereikten na een helse rit van één uur op onverharde wegen. Run Rom (Outreach worker HCP in Takeo) was al eerder ter plaatse om de vrouwen van het dorp op te trommelen en alles in gereedheid te brengen voor een voorlichting rond de gezondheid van moeder en kind. Deze voorlichting werd niet gegeven door HIB medewerkers maar wel door mevrouw Samuthis, een gezondheidsvrijwilligster. Deze vrijwilligster had de 3-daagse opleiding al genoten met het opleidingspakket dat HIB uitgewerkt heeft. In dit geval was HIB aanwezig om ondersteuning te geven met de beschikbare communicatiemiddelen (affiches met educatieve prenten) en om het werk van de gezondheidsvrijwilligster op te volgen.
Zulke relatief korte sessies moeten de moeders in staat stellen om handicaps, levensbedreigende ziekteverschijnselen en tekens van specifieke verzwakking van hun kinderen te kunnen duiden. Even belangrijk is ook het feit dat deze moeders op het hart krijgen gedrukt om bij dergelijke verschijnselen onmiddellijk contact te zoeken met de dichtstbijzijnde gezondheidspost. Het probleem is dat vele van deze moeders het nogal eens nalaten om hulp te zoeken of zelfs niet weten waar ze hulp kunnen krijgen met alle gevolgen van dien. Tot slot wordt ook nog uitdrukkelijk meegegeven om de ontwikkeling van hun kind te blijven stimuleren, ook wanneer het een handicap heeft. Veelal wordt een kind met een fysieke handicap niet verder gestimuleerd in zijn ontwikkeling omdat men er verkeerdelijk van uit gaat dat het kind toch niet zal kunnen bijdragen aan de taken van de familie. In dergelijke gevallen loopt het kind een bijkomend risico op een mentale achterstand die vermeden kan worden.
Ter plaatse ontmoette ik Sen Srey Mom met haar dochter Lou Alis van 5 maand oud. Ze was geboren met een rechtervoet die volledig vergroeid was aan het onderbeen. Dankzij een snelle doorverwijzing door mevrouw Samuthis, werd deze baby behandeld in het provinciaal ziekenhuis van Takeo waar ze een chirurgische ingreep onderging en het voetje zo goed als mogelijk werd hersteld. Wanneer Lou Alis zal beginnen stappen zal Handicap International daar zijn om haar te begeleiden in het revalidatie centrum van Takeo om het ook effectief mogelijk te maken haar eerste pasjes te zetten. Naast deze vergroeiing heeft Lou Alis ook een klompvoetje aan de andere kant waarvoor komende maand een behandeling zal worden gestart in het revalidatie centrum van Takeo.
Na het bezoek in Srey Chey vertrok ik terug richting Phnom Penh, waar ik daags erop ziek werd voor enkele dagen. Was het dengue, bijwerkingen van Malarone, een verdwaalde bacterie die mijn darmstelsel was ingesijpeld of misschien toch de gebakken hond die me slecht was bevallen? Ik heb het niet geweten, maar ben al terug op de been. Met mijn gesubsidieerde blauwe helm rij ik achterop de moto het drukke en warrige stadsverkeer van Phnom Penh tegemoet, klaar om de verkeersveiligheid onder de loep te nemen.
Happy Child Project

Meer dan een half miljoen mensen in Cambodja hebben te kampen met een handicap wat neerkomt op 4% van de totale bevolking. Nog eens de helft daarvan zijn mensen onder de leeftijd van 20 jaar. Factoren die kinderen in Cambodja blootstellen aan de bijzondere risico’s op een handicap omvatten een tekort aan prenatale zorg en een vakkundige bevalling. Een andere oorzaak van dit hoge percentage zijn de serieuze kinderziekten die vaak niet worden behandeld door geschoolde gezondheidsverstrekkers. Cambodja heeft nog steeds een hoog sterftecijfer van pasgeborenen en kinderen vergeleken met de rest van de regio, wat erop wijst dat jonge kinderen erg kwetsbaar zijn voor ziektes en letsels.

Handicap International Belgium begon met een project rond vroegtijdige opsporing, verwijzing en behandeling van kinderen met een handicap of met een hoog risico op een handicap ten gevolge van een aangeboren probleem, ziekte of trauma. Happy Child Project was born… De focus van dit initiatief is het verbeteren van de kennis en kwaliteit van de gezondheidsstructuur op provinciaal niveau tot op het niveau van de gemeentelijke gezondheidsvrijwilligers. Om dit te verwezenlijken heeft het Happy Child team een opleidingspakket samengesteld voor de gezondheidsstructuren in Cambodja. Naast dit opleidingspakket zijn er ook begeleidende bewustzijn en communicatie middelen ontworpen die gebruikt worden door gezondheidssteungroepen in dorpen en bij begeleiders van traditionele geboorten. Tot slot voorziet Happy Child ook een 3-daagse opleiding aan gezondheidswerkers op alle niveaus met behulp van het opleidingspakket. Meer bepaald bieden ze steun aan deze opleidingen en houden ze toezicht opdat de hoogste niveaus in de gezondheidsstructuren betrokken zijn in de uitvoering van deze opleiding tot op niveau van de gemeentelijke gezondheidsvrijwilligers.
Aankomst in Phnom Penh

Na aankomst in Phnom Penh, de hoofdstad van Cambodja, nam ik samen met mijn vrouw en zoontje onze intrek in een guest house vlakbij het hoofdkantoor van Handicap International.
Na enkele dagen van gewenning en verkenning werd de hele familie ontvangen bij de country director van Handicap International België - Cambodja, Jeroen Stol. In het hoofdkantoor kregen we een briefing en een korte rondleiding langs alle programma’s en hun projecten. In de namiddag mocht ik dan genieten van een kleine spoedcursus Khmer, de landstaal van Cambodja, en werd ik nog gebrieft over enkele belangrijke culturele gebruiken.
Tijdens de rondleiding had ik al snel door dat het van primair belang was om spoedig een duidelijk overzicht te verwerven in de structuur en werking van HIB-Cambodja. Aangezien ik zelf in sta voor mijn planning om de komende zes weken zo goed mogelijk gevuld te krijgen en alle opdrachten rond te krijgen, begon ik dan ook meteen met alle programma’s waar HIB zich op richt in Cambodja uit te pluizen.
De activiteiten van HIB in Cambodja zijn verankerd in vier kern programma’s: de fysische rehabilitatie, de landmijnen problematiek , verkeersveiligheid en ‘rechten en inclusie’ van mensen met een handicap. Elk programma huist op zijn beurt enkele projecten. Komende weken zullen de meeste van deze projecten in woord en beeld aan bod komen, maar laat me alvast beginnen met het ‘Happy Child Project’ , onderdeel van het programma ‘fysische rehabilitatie’.
Een paradoxale situatie
Met plezier schrijf ik u weer om u voor de laatste keer dit jaar te laten weten hoe het hier gaat. Met plezier, hoewel de moeilijke situatie op wereldvlak ontwikkelingslanden als Cambodja niet gespaard heeft. De omstandigheden hier zijn heel paradoxaal. Enerzijds heeft de ernstige internationale financiële crisis van de afgelopen weken weinig impact. De banksector staat nog in zijn kinderschoenen. De overgrote meerderheid van de Khmers heeft nog nooit geïnvesteerd op de beurs. Voor hen is het een ver-van-mijn bedshow. De huidige kopzorgen van een heleboel kapitaalkrachtigen zijn hen dus totaal vreemd. Anderzijds zal dit kwetsbare land en zijn inwoners onvermijdelijk lijden onder deze crisis die ergens anders is ontstaan. Ze zullen de algemene vertraging van de economie voelen.
In de textielsector -de grootste werkgever van het land- is er nog amper vraag. De prijs van landbouwproducten zakt fors, de inflatie op de markten neemt alarmerende proporties aan… Mensen die ons in navolging van Kofi Anan doen herinneren aan het feit dat we door deze crisis de andere niet mogen vergeten die veel fundamenteler en langduriger is en waar mensen uit ontwikkelingslanden voortdurend mee geconfronteerd worden, hebben natuurlijk gelijk.
Ondertussen is er een nieuwe regering voortgekomen uit de verkiezingen van juli. Ze werden overweldigend gewonnen door de Cambodjaanse Volkspartij van premier Hun Sen. Steeds meer figuren van de oppositiepartijen sluiten zich bij deze partij aan.
Wat de mensen de laatste tijd echt bezighoudt is de grenscrisis met Thailand. Deze is midden oktober ontaard in confrontaties met dodelijke afloop. Vier doden, gewonden en miljoenen mensen die het gebied ontvluchten. Een veel te zware tol voor een discussie tussen bevriende landen over een stuk territorium. De regeringen van beide landen zijn aan het onderhandelen, maar er blijven veel militairen op post aan de grens. Er moet absoluut vermeden worden dat het conflict ernstigere vormen aanneemt. Cambodja is zijn wonden nog aan het likken van dertig jaar conflicten die nog steeds hun sporen nalaten. Denk maar al die mijnen en niet-ontploft oorlogstuig waar het land nog jarenlang mee bezaaid ligt.
« Ons dorp, onze stem»
‘Ons dorp, onze stem’ is een van de nieuwe projecten die we hebben opgezet in twee districten aan de grens van de provincies Siem Reap en Banteay Meanchey, in het noordwesten van het land. Het is een afgelegen gebied waar weinig ngo’s aanwezig zijn. Dat is net de reden waarom we ervoor gekozen hebben om hier een project op te zetten.
Het gaat om een project voor gemeenschapsgerichte revalidatie. Hiermee willen we ons richten tot het netwerk van dorpen en gemeenschappen om personen met een handicap te identificeren-ze zijn vaak niet direct zichtbaar- en hen zo hulp, diensten en advies verlenen. Door beroep te doen op een netwerk van vrijwilligers die initieel geholpen worden door ngo’s als de onze, zijn deze projecten duurzaam en moet er niet veel geld in geïnvesteerd worden. Het is wel een delicate opdracht die veel geduld en zeer competente medewerkers vergt.
In Kralanh en Srey Nam begint ons werk zijn vruchten af te werpen. Pho Samet, de coördinator van het project, heeft zelf een handicap en is zeer ervaren. Hij heeft een team van acht personen samengesteld, vier per district. Enkele van hen hebben ook een zichtbare handicap, hetgeen een voordeel is om de boodschap over te brengen. Als ze geïsoleerde gemeenschappen bezoeken om te praten met de dorpshoofden, familie en de personen met een handicap zelf, vormen ze natuurlijk een rolmodel.
Met zijn vlotte babbel, zijn aimabele maar zelfverzekerde houding en zijn titel van projectmanager wekt Samet verbazing op in dorpen waar personen met een handicap vaak niet als volwaardige mensen worden beschouwd. Getuige daarvan is het trieste feit dat diegenen die we tegenkomen systematisch vaak gewoon ‘de dove’, ‘de blinde’, ‘de polio’… worden genoemd.
Midden oktober ging ik twee dagen met het team mee op pad. Het was een lange reis over slechte wegen. Het kostte veel tijd om het dorp South Khnar te bereiken. Ik woonde er de eerste bijeenkomst bij van alle personen met een handicap van het dorp.
Bij de eerste contacten had het dorpshoofd ons verteld dat er vier of vijf mensen zouden zijn, meer niet. Het heeft ons een paar weken en veel geduld gekost, maar we slaagden erin om er 25 bij elkaar te brengen. De locatie, een mooie pagode, was prachtig en de bijeenkomst zelf was vrolijk en ontroerend tegelijkertijd. Ze waren er allemaal. De doofstomme Sambath kwam samen met zijn zoon die voor hem vertaalde in een ongebruikelijke, maar vlotte gebarentaal. Daarnaast zaten verschillende jonge vrouwen die vertelden dat ze een oog waren kwijtgeraakt bij de geboorte of na een ongeval. Socheata werd vergezeld door haar moeder die dacht dat haar dochter aan hersenverlamming leed, maar vermoedelijk is het epilepsie - de diagnose moet nog gesteld worden. Mevrouw Bopha was de enige in een rolstoel. Ze babbelde vlot en met veel humor. De bijeenkomst duurde meer dan twee uur. Het feit alleen al dat deze mensen bij elkaar kwamen, het woord kregen en dat er naar hen geluisterd werd zodat ze hun verhaal konden vertellen en laten weten wat ze nodig hebben, is al een succes, een kleine revolutie.
Tijdens de volgende bijeenkomsten zullen we proberen om zelfhulpgroepen samen te stellen. Het gaat er voor ons niet om de personen met een handicap te ‘helpen’, maar om samen met hen te kijken wat ze kunnen, wat hun sterke kanten zijn. We geven ze een duwtje in de rug zodat ze met de steun van de gemeenschap hun studies kunnen hervatten of een handeltje opzetten.
De volgende dag was het de beurt aan de grappige en dynamische Panavuth die het project uitlegde aan de aandachtig luisterende leerlingen van het zevende leerjaar. In deze klas van zeventig leerlingen werd het woord vooral gegeven aan vijf van hen, diegenen met een handicap. Verlegenheid ruimde plaats voor glimlachjes en vervolgens voor gelach. Het vertrouwen is er, een goed begin.
Het zal nog een tijdje duren voordat de veranderingen doorgevoerd zullen zijn, maar Pho en zijn team zijn vasthoudend. Ze kunnen op hun beurt rekenen op het advies van Mark Morrisson, het meest recent gearriveerde expat-teamlid. Hij is een geduldige expert. Hij heeft blauwe ogen, een brede glimlach en hij luistert veel. Dat alles opent hier meteen deuren…
Channy, een geëngageerde orthoprothesemaker
Toen ik midden juli uit Seam Reap terugkwam, reisde ik samen met een van de orthoprothesemakers van het centrum van Siem Reap. Op zijn 28ste is Chek Channy al een uitmuntend technicus. Vlak nadat hij uit Sri Lanka terugkwam waar hij een jaar lang opleidingen heeft gegeven, is hij getrouwd met een vrouw die eveneens orthoprothesemaakster is. Een foutloos parcours, een mooi verhaal… En toch, terwijl ik naar hem luisterde besefte ik dat hij nog niet zo lang geleden barre tijden heeft meegemaakt, ook al is Channy na de val van het Pol Pot-regime geboren.
Channy werd in in oktober 1980 in ballingschap geboren, in een kamp van ‘Site 2′ in Thailand. Zijn familie is daar naartoe gevlucht vanuit eenland dat in een burgeroorlog verwikkeld is en bezaaid ligt met landmijnen. Zeggen dat het leven er moeilijk is, is een understatement. Geweld en ontberingen zijn dagelijkse kost. Pas jaren later kan de familie eindelijk terugkeren naar Cambodja. Ze krijgt een lapje onvruchtbare grond toegewezen en probeert zo goed en zo kwaad als het kan te overleven.
Maar aan alle ellende zit ook een goede kant. Zoals veel jongeren die in de kampen werden geboren, zijn Channy en zijn broers polyglotten: Engels, Thais, een beetje Laotiaans… Vaardigheden die hun nut nog zullen bewijzen. Een van de broers krijgt een baan bij een internationale organisatie. Dankzij zijn salaris ziet de familie eindelijk licht aan het einde van de tunnel. Het dagelijks leven wordt wat comfortabeler en de jongsten kunnen gaan studeren. Op zijn 19de maakt Channy zijn middelbare studies af. s’Avonds geeft hij lessen Engels en Thais. Overdag werkt hij als verkoper voor een privébedrijf dat hem een hels tempo oplegt.
Het jaar 2000 is een keerpunt. Een vriend vertelt hem over de school voor orthoprothesemakers. Hij weet niet wat een prothese is, maar beroepen waarbij je je handen moet gebruiken hebben hem altijd al aangesproken. Hij voelt ook intuïtief aan dat deze vreemde baan veel humanitaire aspecten heeft. Hij legt met succes een ingangsexamen af. Na drie jaar studies kan hij triomfantelijk met zijn diploma zwaaien. Channy is een voortreffelijke student en wordt opgemerkt door de buitenlandse expert vanHandicap International, Guido Willimzik, die deel uitmaakt van de jury. Guido nodigt hem uit om mee te komen naar Siem Reap. De ontvangst en de sfeer in het centrum bevallen hem en hij wordt meteen aangenomen.
Na twee jaar specialiseert Channy zich in apparatuur voor kinderen die gehandicapt raakten door een hersenverlamming. Hij volgt deze kinderen op in het centrum en via huisbezoeken. In april 2007 neemt hij de volgende stap. Channy wordt geselecteerd om assistent te worden aan de school voor orthoprothesenmakers die Cambodia Trust in Sri Lanka opent. Zowel op persoonlijk als op professioneel vlak een geweldige ervaring waar hij met veel enthousiasme over vertelt. Nu is hij terug in Cambodja. Channy is blij met het weerzien met zijn collega’s en patiënten in het centrum van Siem Reap en met zijn nieuwe familieleven. Zijn levensfilosofie, bescheidenheid en engagement wekken bewondering op. Deze jonge Cambodjanen zijn echt geweldig…
Getuigenis: Mearn en de ‘kru khmer’

Als u Cambodja een beetje kent, dan hebt u wellicht al over de ‘kru khmer’ gehoord. Voor heel wat Cambodjanen is deze traditionele genezer de eerste persoon die bij gezondheidsproblemen wordt geraadpleegd, alleszins op het platteland waar 85% van de bevolking woont.
Dat overkwam ook Mearn, een uk van drie jaar oud die in april in ons revalidatiecentrum verbleef. Mearn woont in Aragn, een bescheiden dorp op 20 km van Siem Reap. Vier maanden geleden kwam Mearn lelijk ten val tijdens een spel met andere kinderen uit het dorp en brak zijn rechterbeen. Zijn ouders probeerden hem eerst zelf te verzorgen.
Na een maand constateerden ze echter dat de pijn niet verminderde en dat andere maatregelen zich opdrongen. En dus trokken ze naar de ‘kru khmer’ die het been van de driejarige insmeerde met een remedie op basis van bladeren en een verband aanlegde. Een maand later konden de ouders van Mearn enkel besluiten dat de toestand verslechterde. Het kind leed pijn en het been was ontstoken. Daarop namen ze de beslissing die eerder wegens tijdsgebrek was uitgesteld: een bezoek aan de artsen van het ziekenhuis Kunthea Bopha. Ze moesten naar Siem Reap dat uiteindelijk niet zo heel ver weg is, maar de consultatie en de verzorging zou wel enkele dagen, misschien wel enkele weken in beslag nemen. En voor wie bezig is met overleven, is iedere werkdag cruciaal.
Een moeilijke, maar wel de juiste beslissing. De diagnose was onthutsend: een breuk, complicaties aan de knie, reeds verzwakte spieren… Gelukkig was het niet te laat. Mearn werd op 23 februari geopereerd en bleef nog een hele maand in het ziekenhuis. Het been werd gered. Maar dan brak de revalidatieperiode aan. Mearn werd logischerwijze naar het revalidatiecentrum doorverwezen. Begin april kwam hij bij ons aan. Massages, stimulerende oefeningen… Onder het waakzame oog en met de hulp van onze kinesisten die dit piepjonge patiëntje met open armen ontvingen, leerde Mearn zijn been weer gebruiken. Over een paar weken brengen onze technici een orthese aan. Het been is nog steeds heel broos en omdat het een lelijke breuk was, is een orthese gedurende enkele maanden noodzakelijk. Geen tijd om te rusten. Er moeten voortdurend oefeningen gedaan worden met het been, met gewichten of door te stappen. Een heus programma voor atleten.
Nog enkele dagen en dan kan Mearn het centrum verlaten, gewapend met zijn trainingsprogramma. De datum van dit schrijven is 30 april. Gedaan met de pijn en de beperkte bewegingsvrijheid. Mearn kan weer lopen, maar het zal nog een paar weken duren voordat hij weer volledig mobiel is.
De schuchtere glimlach van het kleine jongetje spreekt ondertussen boekdelen over de pret die hij binnenkort weer zal beleven tijdens het spelen, een recht dat hem bijna ontglipte.
Koy Kol, verantwoordelijke Informatie en Bezoekersonthaal, revalidatiecentrum Siem Reap
De integratie van personen met een handicap

Alles wijst erop dat de Cambodjaanse economie het goed doet. Een jaarlijkse groei van
ongeveer 10%, de ontwikkeling van toerisme, de ontdekking van aardolie langs de kust… Het opent mooie perspectieven. En toch. Zoals zo vaak het geval is, profiteert slechts een handvol mensen van deze ontwikkelingen. Kijken we maar naar enkele andere cijfers. Een derde van de bevolking leeft onder de armoedegrens (minder dan 1 dollar per dag) en bijna 5 vrouwen op 100 overleven een bevalling niet. Dit sterftecijfer is de afgelopen 6 jaar niet veranderd.
Deze cijfers bewijzen in welke moeilijke omstandigheden een groot deel van de bevolking leeft, vooral op het platteland. Deze omstandigheden hebben een directe weerslag op de situatie van kwetsbare groepen, met name van personen met een handicap. Armoede en handicaps gaan hier
immers hand in hand.
In deze context wilden we bij de start van het nieuwe jaar onze projecten voor de komende drie jaar (2008-2010) opnieuw bekijken. Zonder te technisch te worden, geef ik graag enkele voorbeelden: Het ‘Happy Child’ project wordt voortgezet en uitgebreid. Dit project in Siem Reap en
Takeo wil voorkomen dat vaak voorkomende kinderziekten in rurale gebieden zouden leiden tot soms erg zware handicaps. Hoe? Door de personen te informeren die de kinderen tijdens de eerste levensmaanden begeleiden: traditionele vroedvrouwen, moeders, verplegend personeel van de gezondheidscentra. Dit project heeft al heel wat goede resultaten opgeleverd.
We zullen nog meer steun geven aan een belangrijke organisatie die we al jaren kennen en helpen: de Cambodjaanse vereniging van mensen met een handicap. Die verdedigt de belangen van om en bij de 700.000 personen met een handicap! We willen niet in de plaats van deze organisatie spreken, maar haar meer bekendheid en een sterkere stem geven. Tot slot onderhandelen we verder met het ministerie van Volksgezondheid om de door ons gesteunde revalidatiecentra in Takeo en Siem Reap op lange termijn leefbaar te houden. We willen onze steun geleidelijk afbouwen en tegelijk de kwaliteit van de dienstverlening garanderen.
Ik wil het ook even hebben over de tweede editie van ‘Celebrating Differences’. Op 24 februari organiseerden we dit avondfeest in Siem Reap, samen met verschillende teams uit Cambodja en Laos. Zij willen kunstenaars met en zonder handicap bij elkaar brengen. Tijdens deze ontroerende en interessante avond hebben we duidelijk kunnen merken dat personen met een handicap talent te over hebben!
















