Handicap International helpt personen met een handicap hun onafhankelijkheid, waardigheid en rechten terug te winnen. Onze visie is van een wereld waarin alle vormen van handicaps kunnen worden voorkomen, opgevangen of geïntegreerd, en waarin de rechten van personen met een handicap gerespecteerd en toegepast worden. Volg de activiteiten van onze expats op het terrein.
De blog van Jeroen, persverantwoordelijke op missie in Vietnam
To walk again?
Onze laatste dag in Vietnam. We gaan op bezoek bij het centrum voor ruggenmergletsels (dwarslesie) dat door Handicap International werd opgezet. We bezochten in Nha Trang al een provinciale satelliet van dit centrum dat 50 bedden telt en nu helemaal onafhankelijk functioneert. Het centrum in Ho Chi Minh maakt deel uit van een ziekenhuis maar ligt achterin met veel groene ruimte er rond. Het is heel warm dus vluchten we gauw naar binnen. Daar zit een grote groep mensen aan een tafel vol balletjes, ringen die rond een draad kunnen bewogen worden en andere behendigheidspelletjes. De helft van hen zit in een rolstoel, de andere helft lijkt te helpen. Er zijn verpleegsters, kinesisten en familieleden en de sfeer is zacht en vriendelijk. Elke dag van halfnegen tot elf oefent iedereen samen. In de namiddag is er dan tijd voor individuelere oefeningen, waaronder ook boogschieten. Ik weet dat de meeste mensen hier verlamd raken door verkeersongevallen of ongevallen op het werk. Tot voor de oprichting van dit centrum bestond er geen aangepaste zorg voor deze patiënten. Nu is Handicap International in het Noorden van het land bezig om een gelijkaardig centrum op te zetten waarbij dan zowel dokters, kinesisten als verpleegsters vorming krijgen. Een ruggenmergletselpatiënt heeft immers een multidisciplinaire aanpak nodig.

Ze tonen ons een klein zaaltje waar een bed en tafel staan zoals in een gewoon huis. Hier leren patiënten die goede vorderingen maken om basishandelingen te doen die ze thuis ook moeten kunnen. Er is altijd iemand van de familie bij de revalidatie zodat ze thuis ook de juiste hulp kunnen krijgen. De familieleden zien het belang van de oefeningen als de beste in omdat ze de vooruitgang gedurende maanden hebben kunnen observeren.
Hels brommerverkeer in Ho Chi Minh
Vertrekken geblazen, om 7 uur drinken we een laatste keer een kop sterke ijskoffie met Phuoc, de coördinator van het project Welcome to life in Nha Trang. Hij heeft ons de afgelopen week echt goed begeleid. Ik neem nog een foto van een dame die met haar driewieler over de straat rijdt. Ik besef nog niet goed dat het in het kuststadje Nha Trang heel rustig is in vergelijking met Ho Chi Minh-stad waar we deze namiddag het verkeer gaan fotograferen. Na een vlucht van een uur komen we aan in de miljoenenstad, genoemd naar de Vietnamees revolutionair en politicus Ho Chi Minh. Ho Chi Minh-stad is eerder bekend als Saigon en daarvoor als Prey Nokor. Het is de grootste stad in Vietnam met 6 miljoen inwoners en die lijken zich allemaal een brommer te hebben aangeschaft.

Layla en ik trekken naar het centrum om er het verkeer te fotograferen. Handicap International werkt hard aan verkeersveiligheid in Vietnam, Laos en Cambodja om handicaps in dat gebied zoveel mogelijk te voorkomen. De recente economische groei in Vietnam zorgde immers voor een enorme toename van het aantal gemotoriseerde voertuigen. 90% zijn brommers wat voor een eigenaardige verkeerssituatie zorgt. De brommers zwenken voortdurend rond de enkele auto’s en stoppen niet voor voetgangers maar rijden er steeds rakelings langs. Het verkeer is immers sneller gegroeid dan dat er nieuwe verkeersregels konden gemaakt worden. Het verbaast ons niets dat er dagelijks twee mensen sterven in het verkeer in het centrum van Ho Chi Minh alleen. Ik besef dat het als voetganger in België nog zo slecht niet is. Hier geven mensen die elkaar helemaal niet kennen elkaar de hand om heelhuids aan de overkant te komen, dat wil zeggen dat ik niet de enige ben die schril heeft om de straat over te steken.
Het valt wel enorm op dat iedereen op de brommer hier een helm draagt. Dat is nog maar verplicht van december 2008. Handicap International speelde een sleutelrol om de Vietnamese overheid ervan te overtuigen dat dit het aantal dodelijke ongevallen en onnodige kwetsuren drastisch zou verminderen bij het dragen van een helm. Vorig jaar droeg hier letterlijk enkel de staf van Handicap International er een en vond iedereen het ongemakkelijk omdat het zo warm is. Nu zijn het enkel de kinderen die er geen aan hebben, want dat is nog niet verplicht. De medewerkers van het verkeersveiligheidsproject lobbyen daar verder voor, naast activiteiten rond verkeersopvoeding in de scholen en rond bepaalde black spots. Ik denk terug aan het interview dat ik vorig jaar afnam van Tinh, de toenmalige coördinator van het verkeersveiligeidsproject die op bezoek was in Brussel (Je leven riskeren op weg naar het werk, de nachtmerrie van de arbeiders in Pouchen ).
Layla staat op de middenberm van een van de grootste verkeersaders en fotografeert erop los, ze houdt wel van wat actie zegt ze. Ik zorg ervoor dat ze niet per ongeluk op de straat komt te staan en omvergereden wordt. Ik neem thuis graag de fiets, maar op de weg terug naar het huis van Philippe kruipen we veilig in een taxi die heel traag door de massa brommers manoeuvreert. Veilig thuis krijgen we een lekker maal voorgeschoteld en vertellen we iedereen enthousiast over onze week in Nha Trang. Layla nam in het totaal al meer dan 3000 foto’s .
Morgen is onze laatste dag en gaan we naar de spinal unit en ook naar de grootste materniteit van Vietnam.
Kind en gezin-consultatie in de jungle?
Vandaag is het zaterdag en trekken we terug de heuvels in naar een tweede district waar ook Raglai-minderheden wonen. De dokter van het revalidatiecentrum vergezelt ons naar een gemeentelijk gezondheidscentrum, er zijn er meer dan honderd in de provincie en hij komt overal minstens elke 6 maanden op bezoek. Met veel geduld luistert hij naar de moeders met babies die vragen hebben. Ze krijgen ook brochures mee over borstvoeding, hygiëne en de motorische ontwikkeling van kleine kinderen, het doet me denken aan de boekjes die Kind en Gezin hier uitgeeft. Er zijn ook enkele zwangere vrouwen die op consultatie komen.
Layla gaat met hen mee om foto’s te nemen. De vroedvrouw meet eerst de omvang van de buik, controleert de bloeddruk en luistert dan naar het hartje met een doppler. Een doppler is een apparaat voor een soort echo zonder beeld. Handicap International kocht het materiaal voor deze testen en vormde de verschillende vroedvrouwen om het correct te kunnen gebruiken. Met deze drie tests en de juiste vragen kan een zwangerschap heel accuraat worden opgevolgd. De vroedvrouw kan tijdig vaststellen of er iets abnormaal gebeurt. In dat geval verwijst ze de vrouw door naar het districtsniveau waar een ziekenhuis is. In het gezondheidscentrum hangt een groot bord met per maand een sticker voor elke zwangere vrouw. Daarop staan de voornaamste gegevens zoals de uitgerekende datum voor de bevalling. Er staan sterretjes bij de vrouwen waarbij ze op bepaalde zaken moeten letten. Vrouwen die eerder al twee kinderen kregen hebben bijvoorbeeld een verhoogde kans op bloedingen en worden doorverwezen naar het ziekenhuis. Toch bevallen de meeste vrouwen gewoon in het centrum met de vroedvrouw en verloopt alles normaal aangezien de risico-gevallen al op voorhand naar het ziekenhuis gaan.
We gaan ook nog naar enkele mensen thuis die pas een baby kregen. Daarvoor moeten we enkele buffels en wilde zwijnen voorbij, maar die houden zich rustig. Borstvoeding is hier blijkbaar de normaalste zaak ter wereld. Bij de moeder op de foto stonden er al gauw 20 mensen op te kijken. Layla met haar grote camera vormt immers een ware attractie. Wij hebben een ander gevoel van privacy neem ik aan want daar lopen alle buren gewoon het huisje binnen, borstvoeding of niet. De dokter doet enkele tests om de reflexen van de baby na te gaan en geeft weer geduldig advies. Hij vraagt haar ook om tijdig weer langs het gezondheidscentrum in het dorp op controle te gaan, ik moet denken aan de afspraken met Kind en Gezin voor mijn dochters die voor ons zo vanzelfsprekend lijken.
Na ons bezoek aan het dorp waar mensen voornamelijk van land- of bosbouw leven nodigt de chauffeur ons uit om langs de trouw van zijn vriend te gaan. Onder de luidste karaokemuziek ooit eten we een maaltijd van 7 gangen die doorgespoeld wordt met heel veel bier (met grote ijsblokken erin wat de alcohol wel wat verdunt). Het uitbundige middagmaal eindigt vroeg in de namiddag en iedereen neemt afscheid van het nieuwgebakken bruidspaar. Er komen een aantal weeskinderen, zij krijgen het niet aangeraakte eten mee in plastic zakken en doen zich tegoed aan enkele flesjes cola. Alle gasten doen op het einde ook een duit in het zakje om het feestmaal mee te bekostigen. De trouwers zijn immers niet zo rijk, een huwelijksreis zit er niet in, maar ze zien er daarom niet minder gelukkig uit.
Tryen draagt speciale babyschoentjes
We zijn al vrijdag en gaan terug naar het revalidatiecentrum. Dit keer ontmoeten we een kleine baby. Tryen, een jongetje, is twee maand en lijkt perfect gezond. Als je beter kijkt zie je dat zijn voetjes een beetje scheef staan. De vader van Tryen is visser, hij verdient 50 to 60 dollar per maand afhankelijk van de zaken. Op de boot kookt hij en helpt mee, zijn vrouw werkt thuis en op het land. Tijdens de zwangerschap werd er niets abnormaal opgemerkt maar na de geboorte in het lokale gezondheidscentrum vertelde de vroedvrouw hen dat hij twee klompvoetjes had. Blijkbaar zijn er een 100-tal gevallen van klompvoeten in de provincie waar we ons bevinden. De enige oplossing daarvoor was om de ouders door te verwijzen naar het revalidatiecentrum in Nha Trang waar ze dit orthopedisch kunnen behandelen. Trong, de technieker die er ook is, volgde via Handicap International drie maand opleiding in de HCM. Hij maakte de eerste plaastertjes voor de baby toen die 4 dagen oud was. 10 dagen later maakten ze een nieuwe vorm, de voetjes die helemaal naar binnengericht stonden, zijn al mooi rechtgegroeid. De kinesist verwacht dat Truyen op zijn 2 jaar kan leren lopen en de behandeling niet langer nodig zal zijn.
Om de vorm te maken kookt de technieker een speciaal gaas dat dan naar de vorm die het voetje moet aannemen gemodelleerd kan worden. Dat gaas is op zich heel duur maar wordt betaald door HI. Tryen moet de plaaster nog minstens een uur per dag dragen.
Zijn ouders hebben al een ander kindje en wonen in Dai lanh, op 85 kilometer van het revalidatiecentrum. Ze zijn hier nu voor de derde keer, we stellen voor om hen naar huis te brengen en te zien hoe ze wonen. Ze zijn blij dat ze de trein niet moeten nemen.
Truyen toont voor mij dat het project Welcome to life het verschil maakt of men al dan niet op tijd kan tussenkomen bij aangeboren handicaps. Enerzijds heeft het revalidatiecentrum nu de technische kennis in huis om juist tussen te komen, anderzijds heeft de vroedvrouw van het gezondheidscentrum de ouders correct en snel doorverwezen. Klompvoetjes zijn immers veel moeilijker te behandelen als het kind groter is en al loopt. Dit lijkt misschien allemaal eenvoudig omdat we dat in België zo gewoon zijn, maar het vraagt mensen met de juiste competenties die de juiste beslissingen nemen op elk niveau.
Eens bij hen thuis komt iedereen kijken. Hun hutje ligt op het einde van een zandwegje tussen de rijstvelden. Na een tijdje begrijpen we wie er familie is en wie er bij de buren hoort. De grootmoeder begint de baby meteen in slaap te wiegen. Hier gebeurt dat met sterke wiegbewegingen en luid gezang. De baby wil uiteindelijk drinken, de moeder geeft zonder schaamte de borst. Ze vertelt hoe de geboorte goed verliep; daarna heeft ze twee dagen gehuild toen ze wist dat de voetjes scheef stonden. Ze had een gezond kind verwacht. Ook de grootmoe was heel ongerust, ze kennen immers niemand in dezelfde situatie. Nu zijn ze vol vertrouwen dat hun kindje normale voetjes zal hebben. Ze doen de massage-oefeningen die ze in het centrum geleerd hebben in het kleine hutje waar ze met 6 wonen. Terwijl Layla foto’s neemt zie ik aan de andere kant van het rijstveld een soort kleine kliniek, daar is Tryen op de wereld gekomen met een vroedvrouw die door HI extra werd opgeleid. Blijkbaar had ze net een training achter de rug toen Tryen geboren werd en daardoor wist ze precies wat de klompvoetjes waren, ze had het immers nog nooit gezien.
Bezoek aan het revalidatiecentrum tijdens een vorming van Handicap International
Dit centrum in Nha Trang is een van de 5 partners van het project welcome to life. We gaan hier de dag doorbrengen met de kinderen. Naar aanleiding van het bezoek van de technische partners van welcome to life, twee Franse pediaters die vorming geven aan de kinderdokters in Vietnam, worden we ontvangen met een ceremonie waarbij de kinderen van het centrum enkele dansjes ten beste geven. Een groep meisjes aan het begin van hun puberteit die doof zijn dansen met precisie op de maat van de muziek. Ze voelen wel iets van de bastonen, maar de muziek gaat even af en ze dansen onverstoord verder. Een deel van de kinderen is permanent in het revalidatiecentrum dat ook een school is. Je ziet niet bij iedereen meteen dat ze een handicap hebben, behalve bij de kleinere groep met het syndroom van Down. Na de dans worden de buitenlandse gasten en de directrice voorgesteld.

- © Layla Aerts
In Vietnam gaat dat niet met een rondje maar een persoon neemt de microfoon en stelt iedereen voor, als onze naam genoemd wordt moeten we even rechtstaan en krijgen we een kort applaus. Daarna krijgt de directrice van het centrum het woord, die vervolgens de directeur van Handicap International uitnodigt. Protocol is belangrijk in Vietnam. Philippe vertelt de geschiedenis van het project dat nu 37 gemeenten van het district KHAN HOA bereikt. Het is dankzij missies zoals die van de Franse pediaters dat de opvang en preventie van handicaps bij kinderen structureel verbetert. De pediaters geven vormingen aan hun Vietnamese collega’s volgens de laatste inzichten. Het netwerk van 5 partners werd gedurende 4 jaar van het project uitgebouwd op het niveau van de gemeentes, de provincie en het district om op die manier geen enkel kind te kunnen missen.
De toespraak wordt helemaal vertaald naar het Frans door een oude dame die in Ho Chi Minh naar het Franse lyceum gegaan is, zoals meer mensen van die generatie. Als de Franse pediater het woord neemt vertrelt hij dat hun medische steun tijdens hun bezoeken aan Vietnam ook een leerschool is voor hen. De sterke economische ontwikkeling van Vietnam zal volgens hem ook een positief effect hebben op de opvang voor personen met een handicap. Dit doet me denken aan de Vietnamese collega waarmee we deze ochtend een gesprek hadden over moedermelk. Toen zij geboren werd in 1979 was de oorlog nog maar net gedaan en had haar moeder geen melk omdat er niet genoeg eten was. Ik werd twee jaar eerder geboren en heb me nooit moeten afvragen of ik wel genoeg te eten kreeg. Haar moeder kookte rijst en gaf het water met schuim bovenaan met een lepeltje aan haar dochter. Blijkbaar gebruikten meer moeders die techniek.
De foto hierboven toont enkele kinderen die we interviewden in de centrum. Heb heel wat interviews op band, elk geval is zo anders maar iedereen lijkt blij en goed omringt door de kinesisten en de verzorgers. Deze namiddag bezoeken we enkele moeders van kinderen met een waterhoofdje in het ziekenhuis waar HI mee samenwerkt.
Veilig bevallen in de heuvels van Khan Son
Maandag was een speciale dag omdat we van op de vlieghaven in Nha Trang meteen de heuvels ingereden zijn. Dat is een heel andere wereld dan het relatief goed ontwikkelde stadje aan de kust. Hier leven mensen van rijstteelt, maniok, bananen of suikerriet en er is geen toerisme. De mensen behoren tot de Raglai, een etnische minderheid (er zijn er in Vietnam wel 85) en spreken ook een andere taal.
Bevallingen gebeuren hier vaak thuis of aan de rivier zonder de hulp van een getrainde vroedvrouw, met alle gevolgen van dien. Als deel van het project Welcome to life voor de gezondheid van moeder en kind leidt Handicap International hier daarom twee activiteiten. Handicap International wil ervoor zorgen dat aanstaande moeders in de dorpjes toch een veilige bevalling kunnen krijgen, desondanks de afstand tot het referentieziekenhuis (twee uur rijden). In Khan Son zijn er een 20.000 inwoners, de meeste gemeentes hebben een gezondheidscentrum maar die hadden tot voor kort geen stromend water. De vrouwen moesten dus voor hun bevalling zelf water meebrengen in bidons. Veel vrouwen verkozen daarom een bevalling aan de rivier in plaats van in een vuil centrum. Aan de rivier wassen ze hun kind dat dan door het koude water gestimuleerd wordt. Dit lijkt natuurlijk maar houdt ook sterke risico’s in.

Op weg naar het centrum in de bergen
Ik heb zelf twee dochters die allebei thuis op de wereld gekomen zijn, maar dat was steeds in de aanwezigheid van een vroedvrouw en proper water. Als mensen hun ongerustheid uitten over onze keuze om thuis te bevallen vertelden we hen dat het ziekenhuis altijd dichtbij is als er zich toch een probleem stelt. In Nederland bevalt trouwens 80 procent van de mensen thuis, het hospitaal is daar enkel voor risicobevallingen. Voor de dorpsvrouwen die hun kind aan de rivier ter wereld brengen is die keuze er niet. Daarom heeft Handicap International vorig jaar bij vier gezondheidscentra waterputten geïnstalleerd met een pompsysteem en reservoirs. Het water komt vanop 22 meter diepte en wordt gefilterd. Deze tanks die mee gefinancierd werden door DGOS zorgen voor een comfortabelere en properdere omgeving voor vrouwen die komen bevallen in het lokale gezondheidscentrum.
Voor vrouwen die een risicobevalling tegemoet gaan zijn proper water en hygiene uiteraard niet voldoende. Daarom zette Handicap International een solidarteitsfonds op. Voor 20.000 Vietnamese dong (bijna 1 dollar) kunnen de vrouwen lid worden. Als ze een risicobevalling hebben dan krijgen ze een bedrag van 2 miljoen dong voor het vervoer naar de stad en de extra kosten dat dat met zich meebrengt. De medische zorgen zelf zijn gratis voor de etnische minderheden, maar de kost om naar de stad te gaan en daar te verblijven bleek vaak te hoog voor vrouwen aan wie in de gezondheidscentra verteld werd dat er complicaties kunnen optreden bij de bevalling. Handicap International liet daarom dit systeem uittekenen door gezondheidseconomen. Ik zag verschillende vrouwen die lid waren van het fonds. Ook al is 20.000 voor hen veel geld, ze vinden het meer dan de moeite om het zekere voor het onzekere te nemen. Om de vrouwen te bereiken werken we samen met de vrouwenunie. Een knappe jongedame die zelf ook tot de etnische groep van de Raglai behoort gaat bij alle vrouwen persoonlijk langs om hen in te lichten over het solidariteitsfonds. Ze spreekt geen Engels maar glimlacht breed als we onze vragen afvuren op de moeders met kleine babies die we bezoeken in hun hutjes. Layla stuurt ons allemaal de hutjes uit zodat ze de moeders alleen kan fotograferen. Ze houden hun baby vast en glimlachen vertederd, zoals elke moeder wiens kind veilig in haar armen ligt te slapen.
Na een afdaling van twee uur met een busje komen we aan in Nha Trang, waar we kennis maken met Eric en An van Handicap International in Hanoi en enkele Franse medici die hier zijn om vormingen te geven binnen het project welome to life.
Op reis met de fotografe Layla Aerts
Op reis met de fotografe Layla Aerts om de projecten in Vietnam in beeld te gaan brengen.
Layla heeft al veel opdrachten gedaan voor ngo’s, onder meer voor Handicap International in Congo toen ze net afstudeerde aan de fotografieschool. Ze is nu net terug van een fietstocht van België naar Iran en blij dat we haar belden met de vraag om nog eens voor ons te vertrekken. Ik spreek als persattaché dagelijks over de projecten van Handicap International en ben blij dat ik nog eens ter plaatse kan gaan kijken.
Brussel Parijs Bangkok Ho Chi Minh
Laya laat haar camera bijna op de trein naar Parijs liet liggen. We spreken af dat ik haar de komende tien dagen altijd mag vragen waar haar toestel is, zonder goede camera geen professionele foto’s. Na dertien uur vliegen aangekomen in de vlieghaven van Ho Chi Minh. We onderhandelen zelf een taxi dankzij de instructies van Philippe (maximum 50.000 dong), bij wie we de eerste nacht logeren. Philippe en zijn vrouw wonen al een jaar in Vietnam. Hij coördineert hier de projecten van Handicap International, samen met drie andere expats, verder is alle staf Vietnamees. Bij dertig graden trekken we erop uit voor een lekkere maaltijd en kruipen vroeg onder de wol aangezien we om 4 uur moeten opstaan voor onze vlucht naar Nha Trang. Dat stadje ligt aan een van de meest toeristische stranden van Vietnam en toch koos Handicap International die provincie om het project welcome to life op te zetten. De bestaande infrastructuur in de hoofdstad van de provincie vergroot de kans op slagen van het project in de omliggende dorpen. Het doel is immers dat de Vietnamese staat het project na 6 jaar ervaring ook naar andere provincies van Vietnam uitbreidt. Daarom werkt Handicap International ook steeds met lokale partners, zodat de kennis en ervaring permanent in het land kan blijven. Dat weet ik allemaal van Philippe, morgen gaan we het zelf bekijken.

